mijmeren op zondag – vanuit een Rotterdamse smeltkroes de echo van Italië

Zondagochtend vroeg. De achterdeuren staan open en een voorzichtige, frisse lucht vult de kamer. Perfect voor mijn dagelijkse Pilates-oefeningen. Nou ja, dagelijks… ik ben nu bij dag acht en vraag me af of mijn rug er echt van opknapt. Mijn buikspieren protesteren wel, maar dat voelt tenminste ergens goed. Ik word afgeleid van mijn eeuwige zomerse voornemen door de Bengaalse kat die op zijn gebruikelijke wijze binnensluipt. Een soort minitijger: broodmager en nogal eigenzinnig. 

Ik besef dat ik niet eens weet hoe zijn baasje heet of waar hij precies woont, maar ‘buurkat’ komt regelmatig langs. Hij lijkt te checken of alles nog hetzelfde is, doet zijn ronde door het huis en besnuffelt de boel. Deze keer kijkt hij verbaasd naar de iPad die naast mij staat. Wellicht bevalt de stem van de lerares hem niet, maar hij blijft op een afstandje nieuwsgierig toekijken wat ik allemaal aan het doen ben. Terwijl ik na afloop nog even rustig op mijn matje zit, komt hij er voorzichtig bijzitten. 

Met een kop thee loop ik het terras op. Op 3-hoog achter wordt al geanimeerd gesproken in een taal die ik maar niet kan plaatsen. Servisch? Oekraïens? Tegelijkertijd is ons lieve Griekse buurjongetje beneden druk in gesprek met een imaginaire vriend, onderwijl druk sturend in zijn zelfgemaakte auto van gevonden afvalhout. Vier meter verderop brabbelt de tweeling van de buren in een taal die ooit Nederlands zal worden. Binnen een straal van nog geen 100 meter ben ik omringd door de wereld. De kaapverdiaanse ‘guitar man’ zal later op de dag weer op zijn balkonnetje gaan spelen. In zijn eigen bubbel speelt hij al sinds we hier wonen hetzelfde repertoire; hij lijkt even te willen ontsnappen aan de werkelijkheid en ik vind het fijn om naar hem te luisteren. Net zoals naar de twee Marokkaanse mannen die vanmorgen precies onder de opengeslagen deuren aan de voorzijde samen de wereld leken door te nemen. Niet te luid, meer een aangenaam achtergrondgeluid dat me uit mijn droom deed ontwaken. Ze hebben alle tijd.

En dat is precies hoe deze ochtend voelt: “Er is hier. Er is tijd.” Om Herman de Coninck maar eens te citeren. Mijn things-to-do list met duizend dingen lijkt ver weg. Zelfs buurkat voelt het. Voor het eerst springt hij op schoot, draait een paar rondjes en nestelt zich spinnend, met zijn nagels genoeglijk in mijn been geplant.

Te midden van deze Rotterdamse smeltkroes, met het ochtendzonnetje en een spinnende kat op schoot, dwalen mijn gedachten naar de afgelopen weken. Ik realiseer me dat ik nog helemaal niks heb geschreven over onze trip naar Italië. Is er een beter excuus om niet te starten met de zaken op de things-to-do lijst? Niet op deze zondag.

terug naar Nesso – Italië Juni 2025
In juni zijn we weer terug in Nesso. Ditmaal in een studio naast de bakkerij, de plek van ons allereerste verblijf hier. Vlakbij de oeroude trappen die het water in lopen en direct toegang bieden tot het zachte water van het Comomeer. De temperatuur is perfect. Zowel in als buiten het water. Tussen het meer en onze studio hebben we een kleine patio, overschaduwd door wijnranken. Perfect voor leessessies, siësta’s of een babbeltje met de buren, aangezien het tevens overgangspad is. Binnen is er een keukentje met een ruime koelkast voor lokale lekkernijen en een heerlijk bed in een halfopen ruimte, altijd koel dankzij de dikke stenen muren. 

Het is een enorme luxe. Zodanig fijn zelfs, dat we alvast boeken voor volgend jaar; iets wat we nog nooit eerder hebben gedaan. Een duik in de ochtend, een duik tussen de middag, een duik in de avond. De douche gebruiken we amper. Tussendoor klimmen we de vele trappen omhoog voor een heerlijke macchiato of een maaltijd buiten de deur. Ja, Nesso blijft onze favoriet.

We ondernemen nog wel een boottocht richting Bellagio en Varenna. Varenna wordt vaak omschreven als een schilderachtig vissersdorpje met kleurrijke huizen en een ‘romantische promenade’. Misschien is dat zo vóór en ná aankomst van de vele boten. Maar zelfs in het voorseizoen puilt de veerboot uit en wordt Villa Monastero overspoeld door toeristen. Dat we op Piazza San Giorgio (what’s in a name) nog een tafeltje kunnen vinden voor de lunch, voelt als een gelukstreffer.

We verblijven ook nog een nachtje in een statig oud landhuis, hoog boven Como. Het ligt aan het einde van een weg die eigenlijk geen weg meer is, omringd door een enorme, grotendeels verwilderde tuin. Het uitzicht is vanaf elk punt geweldig en het huis piept en kraakt als een levend museum. Toch ontbreekt de ziel. De verhalen achter de krakende vloeren en antieke meubels blijven verborgen, waarschijnlijk doordat de eigenaren er niet zijn. De enige aanwezige is een meisje uit Zuid-Amerika dat de hele dag op haar telefoon zit. De optie voor het avondeten bestaat uit een vreselijke, smaakloze diepvriespizza. De ironie is groot: daar zitten we dan in Italië, het land met de lekkerste keuken van Europa, te knagen op de taaie deegrand van een saaie margherita. Het weggetje door de heuvels nodigt echter niet uit tot een avondrit naar een restaurant… Bovendien zijn we samen en is er wijn en uitzicht. Jammer is het wel, want de locatie verdient zoveel meer.

verrassende en ongeplande tussenstops
Op de heen- en terugweg van en naar Ravenna maken we twee bijzondere tussenstops. De eerste is bij een B&B in de heuvels nabij Parma. Deze oude familieboerderij van Carlo en Lucia (La Siorén’na) ligt midden tussen de wijngaarden. Ze hebben een enorme moestuin, een kas, bijenkorven, een boomgaard en een veld met aardappelen. Carlo werkt in Bologna, Lucia is lerares op een lagere school in de buurt. Het is mij een raadsel hoe ze dit alles naast hun werk kunnen runnen, want ze maken werkelijk alles zelf.

Ze persen lavendelolie en maken van Sint-Janskruidbloemen een rode olie voor de huid. Ze maken zeep, honing, wijn, grappa, diverse likeurtjes en ook nog eens fantastisch eten. Terwijl wij in een hangmat in de boomgaard liggen (kersen, pruimen, vijgen, bramen, abrikozen…), bereidt Lucia in de prachtige oude keuken de lekkerste dingen. We krijgen een aperitief van zelfgemaakte vlierbloesemsiroop, gevolgd door hun eigen wijnen. In hun wijngaard oogsten ze Malvasia, Barbera, Bonarda, Freisa en Moscato, waarvan ze Lambrusco en Rosso dei Colli maken. Extra trots zijn ze op hun op fles gegiste Spumante. Met de gereduceerde druivenmost maken ze vervolgens balsamicoazijn die zo’n twintig jaar in vaten rijpt. Niets gaat hier verloren.

Carlo leidt ons rond door een kelder vol zelfgemaakte salami en hammen. Ik hoor namen als culatello, fiocchetto en cotechini. Allemaal rijpend in het donker. Het zegt me niets, maar het smaakt heerlijk. Al moet ik zeggen dat nu, een paar weken later, de parmigiana van courgettebloemen en de peperonata met aardappelen me nog het meeste bijstaan. Én natuurlijk de likeurtjes. Die zorgden ervoor dat we tot laat buiten bleven, ver na de bedtijd van Carlo en Lucia. Want dat was hun geheim: vroeg naar bed. Maar niet voordat ze nog even tien kilo kersen hadden ontpit… Respect met een hoofdletter en een plek die zeker een stop waard is.

De andere stop was bij een voormalige renstal, ook weer een wereld op zich. Paarden, pony’s, ezels, overal pluizige loslopende konijnen en velden vol met koeien. Om preciezer te zijn, vol met Manzotta’s; jonge, gecertificeerde Piemontese koeien van 24 tot 48 maanden oud. Het blijkt nu een boerderij te zijn gespecialiseerd in Piemontees Fassona rundvlees. Dit verklaart waarom deze stille, wat stoffige plaats rond lunchtijd verandert in een drukke parking. We begrijpen dan ook meteen waarom het restaurant zo groot is. Van alle kanten komen er mannen in pick-up trucks aanrijden voor een snelle, goede en vleesrijke maaltijd. “De hoge aanwezigheid van omega-3 en omega-6 maakt het vlees van dit ras een van de gezondste en benadert de voedingswaarde van vis.” Aldus hun website, die we overigens pas achteraf bekijken. Een kleine twee uur later is iedereen weer weg en keert de stilte terug. Ik werk in onze kamer boven de stallen, af en toe even naar beneden lopend om deze ook haast weer surrealistische plek goed in me op te nemen. In een van de stallen staat een gehandicapt veulen, beschermd door haar moeder. De eigenaar, een voormalig paardenracer, wil haar niet laten gaan. Een familiebedrijf met ziel én ondernemersgeest.

ravenna – van oude steentjes tot dansende passie 
En dan Ravenna. Ons appartement, net buiten het centrum, is weliswaar een beetje Instagram-achtig, maar het terras is prima en de auto kan voor de deur geparkeerd worden. De hitte in de stad werkt verlammend, maar gelukkig bieden de kerken verkoeling. En wat voor verkoeling. Ravenna, ooit de hoofdstad van het West-Romeinse Rijk, is een schatkamer van mozaïekkunst. In de basilieken en mausolea stap je een andere dimensie binnen. Duizenden gekleurde steentjes vertellen verhalen. Het is ronduit duizelingwekkend. Ook door het continue omhoog kijken…

Maar liefst acht monumenten staan op de UNESCO-Werelderfgoedlijst, dat zegt wel wat over het bewaarde Byzantijnse erfgoed. We kopen een combiticket en gaan op pad. De Basilica di San Vitale mijn favoriet. Zittend op de grond, tegen een oude pilaar op het mozaïeklabyrint, luister ik naar de app die me wegwijs maakt in de historie. Het licht speelt met het goud en ik ben gefascineerd door de trompe-l’oeils. Zo knap hoe die illusie is gecreëerd.

Natuurlijk zien we ook de sterrenhemel in het Mausoleum van Galla Placidia. Het graf van Dante is hier eveneens te vinden, evenals vele andere Dante gerelateerde bezienswaardigheden. Alles is op loopafstand, mits je de volle zon vermijdt. Daar zijn dan weer de lunchplekken voor, prima om de al te warme momenten te ontvluchten. En omdat deze blog dan toch al vol staat met culinaire hoogstandjes; mocht je er eens komen, ga dan zeker langs bij Antica Trattoria Al Gallo 1909. Ja, inderdaad. Deze trattoria staat overal beschreven en de Michelin website geeft aan dat het er bijna altijd vol zit. Maar toen wij er lunchten, zonder reservering, waren we de enige niet-Italiaanse gasten. De inrichting in Liberty/Art Nouveau-stijl is een museum op zich. Vader Ferdinando bemoeit zich flink met de gasten, maar zoon en sommelier Umberto haalt zijn schouders op. Hij is het gewend, vertelt hij met een lach. Het hoort bij de dynamiek van echte familierestaurants, al zou ik er persoonlijk gek van worden.

Teatro Alighieri – verrassing van mijn lief
De kers op de taart in Ravenna is een verrassing van Joris: ballet in het oude Teatro Alighieri, uiteraard vernoemd naar de grote dichter. Riccardo Muti heeft hier op het podium gestaan en natúúrlijk hij is een goede vriend van papa Ferdinando (zijn foto hangt in het restaurant). Deze avond is echter een eerbetoon aan de choreograaf Micha van Hoecke. We genieten van het Balletto di Roma die “La dernière danse?” vertolkt. Vooraf bekijken we de tentoonstelling gewijd aan dezelfde Micha van Hoecke, samengesteld door zijn vrouw en een herinnering aan zijn leven.

Het theater zelf is een pareltje. We zitten in een van de loges, zo’n privécompartiment op het balkon dat met een ouderwetse sleutel voor je wordt geopend. Het voelt alsof we vooraanstaande gasten zijn wanneer we plaatsnemen op het rode pluche.. Het Ballet van Rome danst zich met een enorme energie en toewijding door de golden sixties heen. Mooie voorstelling. Na de voorstelling zien we de dansers buiten. Geen luxe touringcar, maar oude busjes en familieleden die hen oppikken. Duidelijk een ander budget dan bijvoorbeeld het NDT, maar wat een vrolijkheid. De passie straalt er vanaf.

En terwijl ik hier heerlijk wegdroom richting Italië, is buurkat allang weer verdwenen. De tijd stond stil, maar toch niet helemaal. Ik besef dat deze blogpost totaal niet op mijn to-do-lijst stond. Verre van zelfs. Toch is het fijn om de rust te hebben om zo te mijmeren en te schrijven.

Nu is het echter hoog tijd voor een kop koffie, met een klein stukje superpure chocola van Brute Bonen. Dat is het voordeel van thuis zijn: je hebt precies dat binnen handbereik waar je op dat moment behoefte aan hebt.

De perfecte zondag. Klaar voor wat er komen gaat. Of juist niet.

Een gedachte over “mijmeren op zondag – vanuit een Rotterdamse smeltkroes de echo van Italië

  1. Volgens mij ben jij er altijd wel klaar voor Yvette.

    Als ik zo lees wat je in die korte tijd in Italië hebt gedaan sta jij wel open voor van alles. Nou inderdaad maar afwachten wat er komen gaat en waar je volgende blog over zal gaan.

    Like

Plaats een reactie