húú-guh – een state of mind

Het is vrijdagavond laat, even over tweeën, en ik maak een wat onhandige duikvlucht vanaf het voeteneind. De slaapkamer van onze Airbnb in Nørrebro is een toonbeeld van Deense efficiëntie. Wat in de praktijk betekent dat de kamer eigenlijk even groot is als het bed. De rest van het huis kent geen gordijnen, maar hier is gelukkig een rolgordijn om straks het eerste ochtendlicht af te schermen. Terwijl ik langzaam wegdommel, suizen de eerste indrukken door mijn hoofd.

Kopenhagen is de stad die zichzelf opnieuw lijkt uit te vinden. Voorheen vond ik het een wat industriële havenstad, mijn werkbezoeken aan Maersk hielpen zeker mee aan die beeldvorming, en in mijn vrije tijd was het vooral ‘dat leuke stadje van de Kleine Zeemeermin’. Nu ervaar ik het meer als het epicentrum van de ‘hygge (húú-guh) vibe’. Het geheime recept van de Denen voor hun geluk. Mensen lijken hier simpelweg blij en relaxed; klaar voor het weekend zonder de uitputting van een zware werkweek (les 1). Het is een soort hippe, gezonde energie die je eigenlijk continue wel voelt.

hygge – comfort voor de ziel
Wat is het eigenlijk? Samenhorigheid? Genieten zonder schuldgevoel? Het ‘hier en nu’? Misschien is het hun collectieve schild tegen de koude, donkere Deense winters, verspreid door duizenden designlampen en kaarsen die zacht, warm licht geven. Eén ding is zeker: het is de gezworen vijand van elk streng dieet. Onmogelijk! Ik heb het ervaren als het ongegeneerd genieten van de goede dingen met de juiste mensen om je heen. Wij zijn het weekend in ieder geval goed begonnen; 35 jaar vriendschap zorgt ervoor dat wij al ‘hygge’ zijn voordat de eerste kaars wordt aangestoken.

Nørrebro
Nørrebro is een wijk van uitersten. Hier versmelten rauwe, door graffiti getekende muren en een hypermodern metrosysteem naadloos met een uberhippe lifestyle van specialty coffee en strakke bakfiets-esthetiek. Onze Airbnb is gevestigd in een Karré, een typisch Deens bouwblok rond een enorme, verborgen binnenplaats (de baggård).

Het is het resultaat van een bewuste sociale revolutie in de architectuur. Waar dit in de 19e eeuw nog donkere, overvolle sloppen waren, is het getransformeerd tot een (veelal) groene oase; een binnentuin die fungeert als het collectieve hart van de buurt. Hier staan de bakfietsen en kinderwagens zij aan zij als trouwe lastdieren van de gentrificatie. In het midden van de tuin staat de centrale vaskeri (wasserette), strategisch geplaatst naast de speeltuin. Het lijkt ‘collectief individualisme’ in optima forma: je hebt je eigen voordeur, maar deelt je sociale leven in de luwte van het blok.

superkilen – de wereld op een zwart-wit raster
Je hoeft maar één blok verder te lopen en je staat op Den Sorte Plads in het Superkilen park. Ik vind het een surrealistisch gezicht: hypnotiserende witte lijnen golven over het zwarte asfalt en trekken de hele wereld naar elkaar toe. Terwijl ik daar sta, vliegen de skatende en steppende jongeren me om de oren. Het is een georganiseerde chaos die perfect lijkt te werken.

Hier staan een Marokkaanse fontein, een Russische neonreclame en Japanse speeltoestellen broederlijk naast elkaar als ode aan de diversiteit van Nørrebro. Het park is een verzameling objecten uit de 60 verschillende landen waar de bewoners van deze wijk hun wortels hebben liggen. Juist nu de stad volhangt met verkiezingsposters en het politieke debat over migratie en identiteit scherp wordt gevoerd, voelt Superkilen als een zwijgzaam maar krachtig antwoord. Waar de politiek grenzen trekt, trekt dit park (hopelijk?) verbindende lijnen. De dagelijkse, kleurrijke realiteit van een wijk die misschien allang heeft besloten dat de wereld hier thuishoort.

kardomon, keramiek en de nordic roast
Vijf minuten verderop struikel je over de hippe koffietentjes. Inclusief Hart Bageri, waar ze verslavend lekkere kardemommesnurrer verkopen. Had ik het maar nooit ontdekt… Het is de perfecte metgezel voor de Jægersborggade, een straat die transformatie ademt: van beruchte ‘no-go’ zone naar het creatieve hart van de stad.

Hier zit de bakermat van the Coffee Collective. Bijna twintig jaar geleden begonnen zij hier als pioniers met hun ‘Direct Trade’ filosofie. Hun ‘Nordic Roast’ is licht, fruitig en bijna thee-achtig, eveneens verslaving-waardig. Met koffie en kardemon broodje in de hand bewonder ik even verderop de etalage van Inge Vincents. Haar ‘Thinware’ porselein is flinterdun en handgevormd; zo breekbaar dat het licht erdoorheen sijpelt. Het maakt me hebberig, maar ik weet me te beheersen. Al is dat in deze straat, waar vakmanschap op elke hoek tastbaar is, een behoorlijke opgave.

Christiania – 1971 versus de realiteit van vandaag
De voorjaarszon is perfect getimed en we doorkruisen dit weekend de stad te voet. Via het centrum en de ‘kussende brug’ lopen we richting Christiania. Deze vrijstaat werd gesticht in 1971, mijn eigen geboortejaar. Maar waar ikzelf ben meegegroeid met de tijd (hoop ik althans..), bevindt Christiania zich in een identiteitscrisis. De beruchte Pusher Street is niet meer, de bewoners trokken zelf de klinkers uit de straat om de criminaliteit buiten de deur te zetten.

We dwalen langs de creatieve zelfbouw zonder plan, waardoor we het beroemde Bananenhuset compleet missen. Misschien waren we te veel gefocust op de nieuwe realiteit. Want kan een anarchistisch experiment overleven als het zich moet conformeren aan de regels van de moderne verzorgingsstaat? De bouw van strakke sociale woningbouw lijkt de ‘normalisering’ definitief te bezegelen. Christiania is volwassen geworden, of misschien wel getemd door de tijd en de vele toeristen die, net als wij, komen kijken naar een rebellie die langzaam verandert tot een decor. De vrijstaat lijkt meer een bezienswaardigheid geworden; een stukje nostalgie uit 1971, keurig ingelijst door de regels van nu.

new nordic kitchen en de gouden letters
Sinds het New Nordic Kitchen Manifesto in 2004 werd getekend, is Kopenhagen de culinaire hoofdstad van de wereld. Maar dat manifesto was meer dan een verzameling recepten; het was een moreel kompas dat draaide om puurheid en ethiek. De dominantie van zaken als Noma werpt tegenwoordig wel een flinke schaduwzijde; verhalen over een toxische werkcultuur doen afbreuk aan de ‘gefermenteerde mier-romantiek’ wanneer die belangrijke menselijke maat verdwijnt.

Wij vonden de democratisering van die topkeuken bij Baka d’Busk, een ‘planten-bistro’ gerund door een collectief van vrienden. De vibe was er zo bruisend dat we voor lief namen dat we elkaar amper konden verstaan. Een mooi contrast was ons diner de volgende avond, bij het intieme Koreaanse restaurant Next Door van Propaganda. Daar waar maximaal 20 gasten zien hoe vijf gangen voor hun neus worden bereid op prachtig handgemaakt servies. Cold brew thee krijgt hier evenveel ruimte op de kaart als de wijnen en ook nu ziet het er niet alleen fantastisch uit, zo smaakt het ook.

vlijmscherpe dans in een 19e-eeuwse juwelendoos
Het klapstuk van het weekend waren de onverwachte kaarten voor de Gamle Scene van Det Kongelige Teater. Op rood pluche genieten van modern ballet in een 19e-eeuwse setting: Koreorama nr. 03.
Boven het podium prijkt de spreuk Ei Blot Til Lyst (‘Niet alleen voor vermaak’). Deze tekst uit 1874 herinnert ons eraan dat kunst een spiegel is voor de samenleving. Een rake observatie voor een weekend waar ‘hygge’ centraal stond, maar de diepgang niet ontbrak. De Espresso Martini’s na afloop waren er dan weer wel voor het pure vermaak.

openheid en varende vuren
Misschien zijn de Denen sowieso wel beter in het omarmen van het bestaan. Terwijl we zondag nog heerlijk lui aan een brunch zitten op het terras bij de architectonische parel Den Sorte Diamant, varen er houten sauna’s voorbij. De damp slaat ervan af; mensen zitten in badpak te zwaaien terwijl ze door de nog koude haven dobberen. Ook hier zijn er geen gordijnen om iets af te schermen. Deze vinterbadning staat misschien wel symbool voor de Deense mentaliteit: hard voor jezelf als het moet, maar zacht voor de ziel.

de Deense paradox – picknicken tussen de doden
Helaas roept op maandag het werk weer voor Laurien. Ik blijf achter om in mijn eentje nog wat kilometers te maken onder haar motto: ‘follow the sun’. Het brengt me naar de Assistens Kirkegård. Dit is een Deense paradox in optima forma: mensen liggen hier languit in het gras te picknicken in wat de Denen een kerktuin noemen.

Terwijl ik langs het graf van Hans Christian Andersen loop, trilt mijn telefoon. Een bericht van Joris. Hij blijkt op exact hetzelfde moment over Père Lachaise in Parijs te dwalen. Ik vind het een wonderlijk moment van synchroniciteit, blijkbaar hebben we een onuitgesproken abonnement op dit soort plekken. Het voelt als een herinnering dat sommige paden, hoe ver we ook uit elkaar zijn, parallel blijven lopen. Ik kijk weer naar de zonnende Denen en google wat over Andersen. Hij was blijkbaar een obsessieve reiziger, hij maakte 29 grote buitenlandse reizen, wat in de 19e eeuw toch echt wel ongekend was.
“At rejse er at leve”
– Reizen is leven.

tot slot
Kopenhagen is een stad van daden en openheid. De Denen hebben drie extra letters in hun alfabet, maar geen woord voor ‘alsjeblieft’. Ze hebben dat woord niet nodig; hun hartelijkheid zit in hun doen en laten. Ze tonen hun binnentuinen en hun graven zonder gêne. Ze hebben varende sauna’s, heerlijke restaurants, een feilloos metrosysteem en een jaloersmakende mate van veiligheid.

De werkweek kan beginnen. De sneakers gaan uit, de focus aan, maar de Deense les zit hopelijk verankerd in mijn systeem: dat het leven ‘ei blot til lyst’ is, maar dat de kunst erin zit om zelfs tussen de grafstenen de zon te volgen.

niet beschreven, wel de moeite waard! Vor Frelsers Kirke

4000 pijpen en een flinke dosis barokke bluf

Plaats een reactie