“Uw vlucht loopt het risico geannuleerd te worden. Wij adviseren u dringend om te boeken.”
Mijn telefoon bleef op vrijdagmorgen roodgloeiend staan met onheilspellende weerswaarschuwingen. Ik vertrouw echter op mijn logistieke karma en stoïcijns stap ik in de auto richting John Glenn Columbus Ohio Airport.
Achter de schermen lag een pittige, emotioneel beladen werkweek. Zo’n week waarin de uren onbarmhartig doortikken en de ratio het verliest van het gevoel. Het plotselinge verlies van een ontzettend lieve collega sloeg een diep gat. Als je elkaar al meer dan twintig jaar kent och intensief de werkvloer deelt, trekt zo’n definitief afscheid een diep en persoonlijk spoor.
Omdat de verbinding haperde en de online uitvaartdienst weigerde fatsoenlijk te streamen, liep ik om zes uur ’s ochtends met mijn telefoon in de hand door de Amerikaanse miezerregen. Het was een bijna wanhopige zoektocht naar een stabiel signaal, ergens op een troosteloos parkeerterrein. Het mocht niet baten; ik voelde me jetlagged en volstrekt onmachtig. De regendruppels op mijn gezicht mengden zich geruisloos met tranen.
Tegelijkertijd kondigde mijn directe en zeer gewaardeerde collega, met wie ik al jaren zij aan zij werk en de verantwoordelijkheid deel, aan een nieuw pad te gaan kiezen. Tel daar dan nog de spanning bij op van een ingrijpende, zware operatie voor het liefste, leukste en dapperste tienermeisje dat ik ken, en je begrijpt: mijn emotionele batterij was nagenoeg leeg. Op zulke momenten besef je direct dat geen enkel commercieel succes ooit opweegt tegen de rauwe kwetsbaarheid van het leven.
De zielloze buitenwijken van Columbus hielpen eerlijk gezegd ook niet mee om de moed erin te houden. Nee, in deze regio van de US maak je mij echt niet gelukkig. Een week eerder vertelde een Uber-chauffeur uit Senegal me nog vol vuur hoe dolgelukkig hij was dat hij de hectiek van New York had verruild voor de rust van Ohio. Ik kon me er toen al weinig bij voorstellen. Nu, een week later, nog veel minder.
veerkracht
Maar de taxirit naar het vliegveld herinnert me er weer aan waarom reizen zo louterend kan zijn. Mijn Uber-chauffeuse is Nena. Waar ik eigenlijk wilde vragen wie de naamgever van de luchthaven was (John Glenn), vraag ik in plaats daarvan waar haar ‘thuis’ ligt. En dan volgt een verhaal waar het écht om gaat.
Nena is Venezolaanse. Goed opgeleid, heeft een PhD op zak en ze was in haar thuisland politiek geëngageerd als mensenrechtenactiviste. Ze moest echter halsoverkop vluchten nadat haar zoontje bijna werd ontvoerd. Een direct gevolg van haar strijd tegen het regime. En nu zit ze hier, in de periferie van Ohio. Stuck. Gevangen in de stroperige Amerikaanse immigratiemachine. Haar broers betalen al jaren astronomische bedragen om überhaupt op de wachtlijst voor een Green Card te mogen blijven staan, zonder enige garantie. Ondertussen is hun complete hebben en houden in Venezuela (inclusief een woning) door de hyperinflatie en de totale devaluatie van de bolívar volledig verdampt.
We praten dertig minuten lang over macht en onmacht, over het rijke verleden van Venezuela, over wat haar drijft en hoe het is om je intellectuele status te moeten inruilen voor het stuur van een Uber. Naar haar luisterend voelde ik, naast de uitzichtloosheid, vooral haar immense veerkracht. Haar trots. Haar absolute weigering om op te geven.
Dit zijn de gesprekken die ertoe doen. Horen wordt luisteren. Twee mensen die elkaar weliswaar niet kennen, maar elkaar even écht zien, al was het maar via de achteruitkijkspiegel. Het herinnert me aan de kracht van de menselijke geest, die een onvoorstelbare capaciteit heeft om overeind te blijven. Een rit van dertig minuten die ik niet snel zal vergeten.
ruimtepioniers en labradoodles
Op het vliegveld blijkt de vlucht inderdaad vertraging te hebben. Al bellend wandel ik de gate op en neer om de laatste werkzaken af te wikkelen. Tussendoor zoek ik op mijn telefoon toch even op wie John Glenn nu eigenlijk was.
Een kleine bekentenis: ik had dit eigenlijk moeten weten. Deze meneer was namelijk een oorlogsheld, senator, maar bovenal een ruimtepionier. Hij was in 1962 de allereerste Amerikaan die in een baan om de aarde vloog. En alsof dat nog niet memorabel genoeg was, ging hij in 1998 op 77-jarige leeftijd nóg een keer de ruimte in aan boord van de Discovery. Een man die weigerde zich door leeftijd of grenzen te laten beperken. Nog een inspirerend stukje achtergrondkennis om mee te nemen in de handbagage.
Gelukkig hoeft mijn eigen toestel, de DL5686, niet zo ver de stratosfeer in. Hemelsbreed scheiden Columbus en New York elkaar slechts 766 kilometer (of een bescheiden 475 mijl) en eenmaal in de lucht zorgt de Labradoodle- puppy op de schoot van mijn buurvrouw voor de nodige afleiding. Het jonge beestje dwingt me in het nu. Die ogen… dat zachte pootje… De afgelopen week en de politieke realiteit van Nena zakken langzaam naar de achtergrond. Andere lucht, andere energie. En wat schetst mijn verbazing als we landen op LaGuardia? De zon schijnt uitbundig over de skyline van Manhattan. Het voelt letterlijk als een warme deken, een directe boost van pure energie en de M60-bus richting West End Broadway is snel gevonden.
Die bus en die specifieke rit zijn voor mij een teletijdmachine. De allereerste keer dat ik New York bezocht, zat ik op exact hetzelfde traject. Toen keek ik nog met m’n mond open van verbazing naar buiten. Harlem passerend, kijkend naar de stevige matriarchen die hier de straat sieren. Vrouwen met een presence die zowel hun man als hun kroost moeiteloos onder de duim houden. Destijds luisterde ik naar Alicia Keys op een iPod (nog net geen walkman), vandaag gaan de AirPods in en zingt ze Empire State of Mind rechtstreeks mijn herinnering in. Time flies.
compact comfort
Na een half uurtje lopen check ik in bij mijn hotel in de Upper West Side. Mijn kamer op de 14e verdieping biedt een mooi uitzicht over de Hudson en het Riverside park, maar de kamer zelf is uiterst ‘efficiënt’ ingericht. Een schaal waar ze in Japan nog wat van kunnen leren: de kamer en de badkamer zijn samen ongeveer even groot als de badkamer van het hotel in Ohio waar ik de afgelopen week zat. Je kunt eigenlijk alleen op het bed zitten. Ernaast resteert een krappe halve meter voor mijn bagage én voor de doos wijn die zojuist vanuit Napa Valley is gearriveerd. Special delivery AXR. Dat wordt nog een hele logistieke operatie om die flessen heelhuids in Nederland te krijgen, ik vrees dat er ergens in Manhattan een extra reistas gekocht moet worden.
Maar ondanks het ontbreken van ook maar enige beweegruimte en de aanzienlijke vierkante meter prijs; de lakens ruiken fris en zijn spierwit, het matras is perfect, de muren zitten strak in de verf, de douche is warm en de ontvangst is hartelijk en persoonlijk. De lift werkt en het theewater is warm. Meer heeft een flexibele reiziger niet nodig.
Terwijl ik op bed neerplof en uit het raam naar de glinsterende Hudson kijk, weet ik al dat de hartslag van Manhattan me weer helemaal gaat opladen. Laat New York maar komen.
