eindeloze vergezichten…

… met daarnaast twee geweldige mensen die oprecht alles doen om je het optimale ´laid back & feel home gevoel´ te geven, midden in Uruguay, daar waar geen toerist te vinden is. Mezelf dan even niet meegerekend.

Pedro, 71 jaar; he had me on the first moment! Ongecompliceerd, vriendelijk en gastvrij. Zijn vrouw Nahir doet niet voor hem onder en zorgt de hele dag voor heerlijke maaltijden en verrassingen zoals zelfgemaakte limoncello terwijl je van de ondergaande zon zit te genieten, om maar eens een zijweg te noemen. Maar niet nadat we eerst samen een uurtje aan de mate hebben gezeten, op klapstoeltjes op het gras. ´s Avonds onder de sterrenhemel veel mooie verhalen en misschien wel nog mooiere stiltes.

Samen hebben ze reeds 18 jaar hun estancia (boerderij) op 50 km afstand van Tacuarembó. Inderdaad in het midden van nergens, maar de oude pick up truck deed goed z’n werk en Pedro bracht me via rotsige langweggetjes (en niet te vergeten onder het genot van een koud biertje) naar hun casa. Hun kleinzoon van drie stond bij aankomst te springen alsof ik zijn meest geliefde peettante was en sneller dan ik eigenlijk wilde liep ik met hem door de omliggende weilanden op zoek naar, ja, ik weet eigenlijk niet waarnaar op zoek. Ik verstond helaas bitter weinig van zijn enthousiaste en waarschijnlijk fantasierijke Spaanse gebrabbel. Echter, met handen en voeten kwamen we er wel.

Het huis was eenvoudig maar efficient en comfortabel, licht via zonnenergie en warm water via het houtvuur. Een douche moest ik dus wel van te voren aankondigen, al doende leert men.
Zodra er wind was dan werd de windmolen even verderop aangezet en hopla, weer een nieuwe voorraad water werd omhoog gepompt. Redelijk zelfvoorzienend dus. Gelukkig was er ook een generator voor noodgevallen en een van die noodgevallen was de vrijwel lege batterij van mijn mobiele telefoon. Beetje genant vond ik het wel, maar gelukkig was het geen enkel probleem.

Verder natuurlijk legio paarden, koeien en schapen die heerlijk vrij rondliepen met daartussen nog wat ezels en struisvogels. De dagen bestonden uit heerlijke lange ritten te paard waarbij minimaal 2 honden ons vergezelden, onderwel een beetje de koeien en schapen opdrijven. En dat laatste is nog best een vak kan ik verklappen. Zeker als het toch alweer even geleden is dat je op een paard hebt gezeten. Ik liet me echter niet kennen, zéker niet als naast me een kind van drie op een paard zit, weliswaar stapvoets en met touw vast aan opa maar toch..

Ik heb hier volop genoten van de rust, de eenvoud, de gastvrijheid en de natuur. Ik was verder volgens mij van weinig waarde, de koe melken bijvoorbeeld ging me slecht af. Sterker nog, kreeg er geen druppel uit, Pedro gimlachte nog maar eens fijntjes en nam het na wat nutteloze pogingen over , tenslotte moest er toch melk komen voor in de koffie, voor het maken van de yoghurt en andere lekkere dingen. Ja, versheid krijgt in een dergelijke omgeving toch een andere dimensie.

Na weer een prachtige avond – waarbij Pedro en Nahir onder een prachtige sterrenhemel spontaan gaan dansen wanneer de koning van de tango, Carlos Cardel, via een wat blikkerig geluid uit de gehavende transistor radio klinkt – besef ik dat het niet mooier kan worden en dat het tijd is om verder te trekken. Dit beeld wil ik graag vasthouden, tezamen met de herinneringen aan de tochten te paard met Pedro.

Echter, ik moest dan nog wel weg zien te komen. En, het strand van Copacobana, de eindbestemming, is best nog een eindje verderop. Veel busmogelijkheden zijn er niet, maar ik had gelezen over een bus die vanaf Paysando (grensplaats Uruguay-Argentinië)i n één ruk naar Cordoba zou gaan en Nahir zou wel even gaan informeren. 3,5 uur en vele, vele, veeeele telefoontjes later had ze het geregeld. Ik was ondertussen – wat een luxe – weer buiten aan het zwerven, samen met de paarden en honden armandillo’s zoeken. Wat een rare beesten zijn dat trouwens.

Helaas ging die bewuste bus uiteindelijk nog dezelfde avond, dus uiteindelijk nog best haasten. Ik kreeg een lift naar Tacuarembo, ergens langs de weg – licht onzeker – op een bus naar Paysando gestapt en daar redelijk aansluitend een nachtbus Argentinië weer in. Gelukkig zijn de bussen zeer comfortabel want de afstanden hier zijn niet gering.

Cordoba zelf valt me eerlijk gezegd een beetje tegen, prachtige kerken en oude universiteiten, maar dat is eigenlijk maar een klein gedeelte van de stad. Kortom, ik stond vandaag beetje in tweestrijd. What to do?? In het ‘ nabijgelegen´ la Cumbre kun je paragliden en dat lijkt me wel wat. Althans, een tandemvlucht dan.. Helaas. Na een aantal telefoontjes, blijkt dat ook daar de meeste hotelletjes vol zaten (het is dan ook maar een klein plaatsje), en ik neem weer afscheid van dit spontane idee. Knoop nu doorgehakt en ik stap nog vanavond op de bus naar Salta, een koloniaal stadje in het hoge noorden van Argentinië, volgens zeggen omringt door prachtige natuur. Vandaar uit wil ik dan de omgeving gaan bekijken en natuurlijk de wijn in (en uit) Cafayate uitproberen. To be continued.

Beso, Yvette

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s