vakantie in eigen land – op zoek naar Louis en Nel

Op zoek naar Louis en Nel. En… gevonden!

Maar daarover later meer. Gelukkig ook de meer ‘levendige’ ontmoetingen, soms gepland, soms toeval. Al geloof ik niet in toeval. Spontaan waren ze allemaal.

Zo praten we over liefde, in vele vormen. Er worden dromen en herinneringen gedeeld. Open, verrassend en mooi verteld. Ze vertelt over relaties en ontmoetingen met de precisie van gisteren. Een liefdesbrief, spontaan geschreven na een hernieuwd contact, bijna 60 jaar na dato. Ze toont het kamertje boven waar ze schrijft en leest. Nu wij er zijn kan ze ook vertellen. We schelen 25 jaar. Over de jaren zestig kan ik niet meepraten, politiek en studentenopstand, namen van voor mijn tijd. Ik luister, kijk, verwonder en bewonder.

Oude foto’s uit even oude laatjes komen tevoorschijn. Een eenvoudig huis bomvol boeken en gedichten. Ik vergeet bijna te eten. Zou alles wel willen opschrijven, ook omdat er waarschijnlijk een moment komt dat haar bijna fotografische geheugen minder zal worden. Niet alleen een collectief geheugen over het gezin zal deels verdwijnen, maar ook mooie liefdes verhalen. Zo zonde.

Historie werd ook gedeeld met Otto, de ‘man die om water vroeg’. Ondanks de zachte winter heeft men de watertoevoer op de begraafplaats blijkbaar afgesloten. Preventie tegen bevriezing. We staan vlakbij de berg van Golgotha. Althans, de nagebouwde versie. Ruim honderd jaar terug is hier een pelgrimsoord opgericht voor mensen die niet in staat waren naar het Heilige Land te gaan. Men probeerde een historisch getrouw beeld te geven van Palestina rondom het jaar nul, inclusief de dodenakkers.

Anno 2021 is deze rooms katholieke begraafplaats een rijksmonument. De grafmonumenten bestaan elk uit een ‘tuintje’ dat wordt omheind door een laag muurtje van mergelblokken. De grotere familiegraven en de graven van de diverse religieuze ordes hebben vaak zelfs een toegangspoortje middels een koperen of bronzen draaihekje.

Ik vind het een mooie samensmelting van monumenten, kunst, natuur en erfgoed. De natuur lijkt langzamerhand de overhand te krijgen, wat het voor mij enkel maar mooier maakt. De opzet zorgt echter ook voor een nogal slingerend padenstelsel, hetgeen voor ons een ingewikkeld zoekplaatje oplevert. Zeker wanneer je de diverse staties, mogelijke bakens, niet herkent. Aan geloofsopvoeding werd thuis geen aandacht gegeven, na het eerste van de zeven sacramenten was het afgelopen. Het is bovendien 25 jaar geleden dat ik hier was en ik beschik duidelijk niet over het eerder genoemde fotografisch geheugen. Verre van zelfs.

Maar wanneer Otto hoort dat we naar het graf van prof Rogier zoeken lijkt de kans op een succesvolle onderneming toe te nemen. Na een spontane buiging (“heb ik hier te maken met een nazaat van?”) en een leuk gesprek – deze historicus weet meer van mijn grootvader dan ikzelf – biedt hij aan samen te zoeken. Hij denkt ongeveer te weten waar het graf zou moeten zijn. Helaas lukt het ons ook met drie paar ogen niet om het graftuintje te traceren, wel hoor ik onderwijl mooie anekdotes, oa over Bornewasser. De man die vele jaren werkte aan de biografie van mijn grootvader, welke echter nooit is voltooid. Er lijken meerdere versies te bestaan over de reden van de onvoltooidheid. Ik hoor over het niet verkrijgen van de gewenste L.J. Rogier leerstoel, maar ook over het feit dat hij vond dat de geschiedschrijver van de katholieke emancipatie als self made man te weinig oog had voor het feit dat filosofisch-theologische uitgangspunten sterk kunnen verschillen. Daarmee vond hij zijn werk tijdsgebonden. Aangezien deze Hans Bornewasser eveneens ergens op deze begraafplaats moet liggen kunnen we het hem niet meer vragen. Na de wandeling cq zoektocht nemen we afscheid van Otto. Helaas konden we hem niet helpen aan water voor zijn rozen.

Echter, van opgeven geen sprake en na de ontvangst van Google Earth coördinaten (dank Ton) en een mooi plattegrondje vanuit Curaçao (dank Lo) heeft de tweede poging duidelijk meer succes. Gewapend met koperpoets, een sponsje en water geven we de bescheiden steen weer wat glans. Louis en Nel, alias mijn grootouders, glimmen weer een beetje. Missie geslaagd. Voelt wel raar om hier hun voornamen voluit te schrijven, in de familie is / was het altijd (groot) vader en (groot)moeder.

Het restant water geven we aan de rozen van Otto. Voelt overigens licht alcoholisch om met een fles wijn in de hand langs de graven te dwalen, ook al weet je zelf dat er slechts water in zit.

Neef en nicht, inmiddels terug naar hun roots in Nijmegen en met de universiteit en de begraafplaats haast als achtertuin, beloven het onderhoud voort te zetten. Leuk ook om even bij hun aan te meren. Ik hou van spontane bezoekjes en waarom niet op de eerste dag van het nieuwe jaar? Goed begin en goede reden om te proosten.

Naast de vele gesprekken over heden, verleden en toekomst zoek ik ook ruimte voor stilte. Daar neem ik tijdens en rondom werk echt te weinig tijd voor. Het boekje van Erling Kagge helpt me erbij. Als altijd hebben we minimaal 5 boeken en twee kranten bij ons. Als altijd komen we tijd te kort. Ook triggert de collectie van Marcelle en John, de attente eigenaren van het volledig verbouwde oude Duitse huis met vergezichten rondom; genieten van de groene velden, zelfs terwijl je doucht.

We zitten hier midden in etappe 17 van het Pieterpad, ruim 200 wandel kilometers ten noorden van het eindpunt waar we een weekje geleden stonden, de kalksteengroeve bij de Sint-Pietersberg.

Terwijl we bij het haardvuur zitten, met een grote kop cappuccino ingeklemd tussen m’n handen en de 9de symfonie van Beethoven op de achtergrond – toch ongelofelijk dat je zoiets kunt componeren terwijl je zelf niets tot vrijwel niets meer hoort – zien we elke dag, naast dus de diverse pieterpadwandelaars, enorme zwermen vogels boven de velden. Zo mooi. ‘s Morgens vroeg – nog diep weggedoken onder het dekbed maar met de deur open – hoor je ze ook. Thuis in de stad idem, maar dan gecombineerd met andere geluiden. Tramlijn 4 die aan de eerste ronde begint, De vuilnisdienst die al het zwerfvuil ophaalt. Anders…

Wanneer de vogels hun plek hebben gevonden en/of iets verder richting het Wijlermeer zijn vertrokken, richten we onze aandacht weer op de boeken. We doen creatieve inspiratie op over Tiny houses en lezen we verder in ‘Patty’. Het kleine boekje – collectors item – is ons dierbaar. Elke keer een klein stukje van het leven in en rondom het Chelsea hotel.

Ook geef ik deze vakantie toe aan iets wat ik normaal haast nooit doe. Ik ken mezelf, ik kan namelijk niet stoppen. Series… zo ook met the Queen’s Gambit. Het waanzinnig goede acteerwerk van Anya Taylor-Joy en de setting van de jaren 50 boeit en werkt verslavend.

Anders, maar even intrigerend, de mini serie I.M. Over intens liefhebben, over ‘tweezaamheid’. Mooi woord vind ik dat.

In ‘98 kreeg Conny Palmen flink wat kritiek te verstouwen, NRC gaf indertijd aan dat ze met haar roman I.M. de literaire wetten overtrad door haar vervulling van het bestaan in een publiek te zoeken. Literatuur en narcisme konden niet samengaan, aldus de recensie. Echter, ze heeft mij als schrijfster juist altijd geboeid. Logboek van een onbarmhartig jaar heb ik na uitgave in één keer verslonden, voor mij is het rouw in de puurste vorm opgeschreven.

Ook de verfilming van I.M. brengt mij dat gevoel van ‘niet willen stoppen’. Wende Snijders is op het doek net zo intrigerend als op het podium. Ramsey Nasr laat het gezicht achter Ischa zien. De regisseur, Michiel van Erp, beschrijft het mooi, veel mooier dan dat ik dat kan: “Voor mij gaat de serie over identiteit. Hoe ben je gevormd? Wie en wat heeft je gemaakt tot wie je bent. En is dat ook wie je wilt zijn? Ischa had veel geheimen, de gevolgen van een liefdeloze opvoeding. Met veel bravoure presenteerde hij zichzelf aan de wereld en beukte hij zich een weg in de grachtengordel. Maar daaronder lagen open wonden.”

Gelukkig word ik met zachte hand gestuurd richting een maximalisering van twee afleveringen per avond. Soms met een nachtelijke snack van Old Amsterdam kaas ballen uit de oven. Kortom, het is echt vakantie.

Ondertussen lijken de nieuwe lockdowns de beurzen niet te hinderen om recordstanden te noteren. De AEX staat op het hoogste punt sinds de dotcomcrisis. Heel Nederland zou eind september gevaccineerd moeten ( kunnen) zijn. Iran en de VS botsen een jaar na de dood van Soleimani. En avocado’s zonder papieren mogen de ferry niet op richting UK. Kortom, misschien moet ik me weer langzaamaan gaan begeven in mijn andere wereld, daar waar oa vast en zeker een volle mailbox op me wacht. Alsmede de verhuizing van mijn moeder.

Laatste dagje blijven we dus in de buurt. Beetje fietsen door de vrieskou en koffietje van man met bril op een van m’n favoriete plekjes. Tegenover mini Manhattan.

De vakantie was anders dan gepland, maar voor wie niet zou je zeggen. Genoten van de vrije tijd, van het uitslapen, van de gesprekken en van de stiltes, van het niets ‘moeten’, van Schoorl, Maastricht, Utrecht, Yerseke, Rotterdam, Nijmegen, en stiekem net over de grens van Zyfflich. Toch nog buitenland…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s