van de tempels naar de moskeeën – met een omweg

Met mr Khan aan het stuur vertrekken we naar de Badami grotten. Het plan is om vandaaruit door te rijden naar Bijapur.

Ooit was Badami zo’n tweehonderd jaar lang de hoofdstad van de Chalukya’s. Om precies te zijn van 556 tot 753 en hier vinden we een van de eerste voorbeelden van de Dravidische tempel bouwkunst. De historie van dit land is zo rijk dat het me af en toe duizelt. Tegelijkertijd vormt de puzzel met de tijds vakken zich langzaam tot een geheel. Deze rots tempels van Badami behoren tot een soort circuit dat de evolutie van de Indiase tempel kunst laat staan. Aihole en Pattadakal vallen ook onder dit circuit. Ook aantrekkelijk. Toch staan we deze over, met name om het risico van tempel moeheid te vermijden en de reistijd te beperken. Keuzes maken, nooit mijn sterkste kant, het lijkt me allemaal zo mooi. Enfin, wij kiezen voor Badami en zijn de vier heiligdommen uit de 7e eeuw.

Mr Khan spreekt geen woord Engels en lijkt een beetje te moeten zoeken maar dan worden we toch vlot afgezet aan een drukke stoffige straat. Eerst maar eens op zoek naar thee en koffie voordat we gaan klauteren. Dit duurt altijd even want de toevoeging ‘no milk no sugar’ zorgt ervoor dat ze het pruttelende goedje in de pan op het vuur niet kunnen gebruiken. Even later krijgen we de twee mini glaasjes met verse brouwsels. We rekenen €0,30 af en lopen tevreden de zijstraat in, welke nog stoffiger is dat de hoofdstraat. Gelukkig wel een stuk rustiger.

Na 5 a 10 minuten zien we iets wat een parkeerplaats moet voorstellen met daarbij een hokje met tralies: de kassa. Geen idee waarom mr Khan niet hierheen is gekomen, waarschijnlijk omdat hij het simpelweg niet wist.

De vier tempels blijken dicht bij elkaar te liggen, steeds een beetje hoger de berg op en verbonden middels een trap. Ze kijken allen uit op een kunstmatig aangelegd meer. Ieder heeft zijn eigen thema en is opgedragen aan een andere god. Welk thema ze echter allen gemeen hebben is de grote hoeveelheid apen. Ze zitten overal en ik ben er niet gerust op. Ondanks de vele vragende en haast smekende schoolkinderen deze keer dus weinig fotomomenten. Ik ben liever binnen in de tempels, de enige plek waar geen apen lijken te zijn.

De eerste tempel in rij, met de originele naam nr 1, is opgedragen aan Shiva en het enorme standbeeld van een dansende Natraja beslaat een groot deel van de entree. De 18 armen moeten de beweging weergeven. Die armen lukt me nog wel om te ontwaren, maar voor de 82 danspasjes heb je waarschijnlijk een gids nodig.

De tweede grot is opgedragen aan Vishnu. Dwergen, yali’s en grote wachters bewaken het geheel. Mooi. De derde, tevens de grootste tempel, gaat over alle incarnaties van Vishnu. Deze is van boven tot onder bedekt met gravures en inscripties. De laatste in rij is een Jain tempel. Dit lijkt me een bewijs van religieuze tolerantie van de creatieve Chalukyas architecten.

Tegenover deze Hindu en Jain tempels staat een bescheiden en actief in gebruik zijnde moskee. Gebouwd toen de islamitische indringers hun heerschappij vestigden in Bijapur en de omliggende gebieden – waaronder Hampi en Badami – plunderden. Zie hier weer de puzzel van de tijd.

Bijapur is ook onze eindbestemming van de dag. Echter, na Badami weet mr Khan de weg niet meer. Bij elke kruising vraagt hij om de goede richting. Per kruising vraagt hij dit ook nog eens aan verschillende mensen. Ons Hindi is niet geweldig maar we zien dat een ieder een andere route adviseert. Tja, welke te kiezen? De vertwijfeling slaat toe. Hij vraagt het nog maar eens. En nog eens. Ondertussen voeren wij achterin de auto een leuke culturele discussie. De eer aan hem houden en geloof hebben in het aloude systeem of deze reeds wat oudere man gaan leiden via Google Maps? Die uiteraard iets heel anders aangeeft.

Na een half uurtje toeren, stoppen, vragen en keren kunnen we het niet laten en sturen we hem met zachte hand richting de N52. Dat gaat beter. Althans, voor tien minuten. Daarna staan we stil. Muurvast. De weg blijkt afgesloten te zijn en de heren politie klinken nogal standvastig. Er wordt geen vervoer meer toegelaten want de gouverneur komt blijkbaar onze kant op. Bijzonder. Helemaal begrijpen doen we het niet, Google begrijpt het evenmin. “Keep on straight” is het devies op de telefoon. Niet dus. We laten het maar gebeuren en gaan de landweggetjes weer op. Samen met de versierde tractoren (inclusief luide muziek), de diverse ossenkarren en de geitenhoeders. Incredible India. Het ene moment passeren we de moderne Siemens Gamesa windmolens en het volgende moment zorgt een kudde geiten en koeien – of dus een gouverneur – voor een wegversperring.

Het laatste stukje rijden we tegen de richting in. Dit waarschijnlijk om ons goed wakker te houden. Google raakt wederom van slag, wij ook een beetje, maar dan zien we het eindpunt. Namelijk de Toyota showroom. Daarachter zou Sabala Homestay moeten liggen – een NGO aan de rand van Bijapur en onze eindbestemming voor de dag. Een Toyota showroom klinkt niet heel gezellig maar gelukkig blijkt er nog wat land tussen te zitten. De kamers zijn ruim en middels het balkon kijken we uit op een groene tuin. We hadden de keuze want we blijken deze dagen de enige gasten te zijn. Het blijft echter een vreemde locatie. Nabij de drukke doorgaande weg richting de stad, met vlakbij een kruispunt waar wat winkeltjes zitten. Echter, om bij die winkeltjes te komen moet je je leven riskeren door langs die weg te gaan lopen. Geen voetpad, laat staan een stoep of iets wat daar op lijkt.

Nu wil het feit dat er af en toe een chocolade verslaving de kop op steekt en zo lopen we met behulp van de telefoon verlichting in het donker langs een stoffige weg waar vrachtwagens, tractoren, auto’s, motoren en riksja’s in willekeurige volgorde voorbij komen. Eerder die dag zag ik ergens langs de kant een verroest bestelbusje staan met een groot bord ernaast: approved pollution check. Ik moet eraan denken terwijl we hier in het donker lopen. Dit is inderdaad niet het slimste idee van deze reis. Bovendien blijkt de aanbevolen bakkerij helemaal geen chocola te hebben. Onverrichte zaken lopen we weer terug. Dan maar thee zonder iets lekkers.

Gelukkig bieden ze wel ontbijt en avondeten aan. Super lekker en divers. Veel groente ‘prutjes’ en alles vers gemaakt. Bovendien niet enorm pittig, iets wat ik voor de verandering wel fijn vind. De kokkin is mijn heldin. De eigenaresse en oprichtster van de NGO zien we niet. Ze is met haar zoon in het ziekenhuis en regelt alles via de whatsapp. Gelukkig is ze wel zo vriendelijk om voor ons de nachtbus naar Hyderabad te reserveren. Na ruim een uur proberen heb zelfs ik het namelijk opgegeven. Alles geïnstalleerd inclusief verschillende wachtwoorden en al wat niet meer. Vervolgens blijkt aan het eind van het tergend langzame proces dat ze geen buitenlandse creditkaarten accepteren. Gelukkig krijgen we dus via haar de officiële boeking binnen. Interessant, want enkel onze voornamen staan erop. Dat lijkt niet zo’n probleem, echter, op papier is Yvette nu een man van 45 en Joris een vrouw van 38. We zullen zien, slaap plaatsen L8 en 9 zijn in ieder geval voor ons!

Ondertussen gaan wij Bijapur verkennen. Of eigenlijk is het sinds 2014 Vijapura alleen gebruikt niemand die naam. Wij dus ook maar niet. Het is een wat onbekende niet toeristische stad met mooie islamitische bouwwerken. We starten met de Gol Gumbaz, een mausoleum met het graf van Mohammed Adil Shah, de 7e sultan van de Adil Shah dynastie. Bij hem liggen zijn twee vrouwen, zijn maîtresse, een dochter en een kleinzoon. Welke moeder bij de dochter hoort wordt er niet bij vermeld. Wel wordt er vermeld dat de enorme koepel past in het rijtje van de grote jongens. Dat is echter wel duidelijk als je voor dit, overigens onafgemaakte, bouwwerk staat. De koepel van het Pantheon heeft een doorsnede van 44,4 meter. Die van de Sint-Pieter is net iets kleiner: 42,6 meter. Deze is 37,9 meter en daarmee de grootste in Azië. Bovenin is de fluister galerij met een bijzonder goede akoestiek, zeven keer echo en te bereiken via een lange smalle kronkel trap met een te laag plafond. Die akoestiek is echter in combinatie met schoolkinderen een uitdaging. Het geschreeuw galmt echt alle kanten op. Het is goed dat ze met de scholen zoveel cultuur bezoeken, maar af en toe …

Het bijbehorende museum heeft een paar mooie stukken. Met name de kleine schilderijen van de Adil Shahi-dynastie vind ik prachtig. Helaas kan ik er weinig over terugvinden dus dat wordt nog eens speuren zodra weer thuis.

In de Jama Masjid krijgen we uitleg van de imam zelf. Hij is duidelijk trots op de mihrāb, hier staat de Koran in het goud geschreven. Met z’n ruim 2200 bogen is deze moskee ook weer een enorm bouwwerk.

In de Asar Mahal – een moskee in een voormalig gerechtsgebouw – blijven de fresco’s op de bovenverdieping verborgen, ondanks de flinke tip. Geïrriteerd stapt Joris weer naar buiten. Voor mij bleven de deuren sowieso gesloten dus we zijn er snel weer weg.

Waar de deuren – en zelfs een rolluik – wel opengaan, ook voor dames, is bij de geldautomaat van de Canara Bank. Door ons steevast Kanarie Bank genoemd. De nabij gelegen ATM was dicht en ook bij de bank iets verderop is er geen. Men probeert ons vriendelijk maar beslist naar een filiaal aan de andere kant van de stad te sturen. Wanneer ik echter heel sip kijk en wat loop te dralen komt de bank directeur uit zijn kantoor. Het gebeurt niet vaak dat hij buitenlandse klanten heeft en dus gaat hij de ATM voor vijf minuten aanzetten en openstellen zodat wij ons geld kunnen opnemen. Hij vraagt vooraf hoeveel we nodig hebben en vervolgens gaan we met twee dames en een sleutel op pad. Het werkt! Dat is pas een voorbeeld van client centricity. Direct na ons bezoekje wordt de boel weer afgesloten.

We vieren het feit van een verse voorraad roepies met een Punjab thali nabij. Net als bij de bank zijn we ook hier een bezienswaardigheid. Een engineer die net zijn stage heeft afgerond in Bremen komt bij ons zitten. Hij is bij zijn ouders op bezoek en haalt eten op voor de lunch. Volgens hem zijn we in het beste restaurant van de wijk terecht gekomen. Dat is mooi meegenomen en mogelijk heeft hij gelijk want het smaakt weer verrassend goed. Hij moet er zelf snel vandoor, z’n vader heeft trek en zit te wachten. Even later biedt hij via LinkedIn nog zijn hulp aan aan ‘Frau Rogier’, mochten we dit nodig hebben. Zo attent!

Het absolute hoogtepunt van deze stad is voor ons toch wel het prachtige Ibrahim Rouza. Wat een monument. Zeker in het zachtere licht aan het einde van de dag. We blijven er tot sluitingstijd. Keizer Ibrahim Adil Shah II (wie kent ‘m niet) liet het geheel bouwen voor zijn vrouw. Hij overleed alleen eerder dan verwacht en zo nam hij het dus als eerste in gebruik.

Na deze tours door het islamitische Bijapur vertrekken we om 23.55 uur met de nachtbus. Eindbestemming Hyderabad. Ruim voor tijd laten we ons afzetten bij het pick up point. We dachten daar nog wel een koffie of chai te kunnen scoren, het blijkt echter niet meer te zijn dan een parcel hub in een buitenwijk. Blijkbaar worden er naast de pakjes ook af en toe mensen opgehaald. Gelukkig zitten er al twee mensen anders zou ik echt twijfelen of we wel op de juiste plek zijn afgezet. Er lopen slechts wat koeien voorbij. De reeds wachtende meneer vertelt ons dat de bus een uur vertraging heeft. Dat valt tegen. We zoeken twee niet gescheurde plastic stoeltjes uit – nog niet eenvoudig – en gaan dus maar wachten.

Het uur vertraging blijkt nog iets te positief te zijn maar uiteindelijk arriveert er een verre van luxe AC sleeper bus. We hebben weinig keus en dus liggen we even na tweeën op een dun en viezig 2 persoon matrasje. Privacy is gewaarborgd middels goudgele gordijntjes waar eveneens de nodige vlekken in zitten, gelijk aan het matras. De bruine fleece deken wil ik al helemaal niet aanraken en ik ben echt heel erg blij met ons idee om de aangeschafte stranddoek bij de hand te houden. Dit kan mooi als laken dienen. Het goede nieuws is dat er echt niemand naar onze kaartjes vraagt, dus geen verwarring over namen, sexe of leeftijd. Dat wil je ook helemaal niet hebben midden in de nacht. Wel is er verwarring over het toilet. Joris had nog even gekeken voordat we onze ogen gingen sluiten. Jawel, achterin de bus. Groot is mijn teleurstelling dan ook wanneer ik rond vier uur met een bomvolle blaas in het donker uit ons tentje kruip. Geen idee waar hij die toilet gezien had, maar er is enkel een verlicht bordje met nooduitgang.

Ik ga maar eens bij de chauffeur langs, die natuurlijk niet vrolijk wordt van mijn verzoek. Ik blijf echter volhouden dat hij moet stoppen, hopend dat het niet te laat zal zijn. Wat een gedoe. Als hij eindelijk stopt val ik zo ongeveer de bus uit. In de duisternis, daar waar natuurlijk helemaal niets is. Ik kies de eerste beste boom om toch nog iets afgeschermd te zitten. En inderdaad, binnen een paar minuten staan er wel tien man op een rij te plassen. Leer mij India kennen. Het maakt me echter niets uit, de opluchting van een lege blaas heeft duidelijk de overhand en met opgeheven hoofd passeer ik het kordon van plassende mannen.

Lang leve de nacht bussen van India. New AC de luxe sleeper bus.. Dream on..

Een lieve groet vanuit het kleurrijke India

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s